dance-talk-op-de-thee-bij-hans-van-manen2015 is al direct episch begonnen. Enige tijd geleden bevond ik me namelijk in een woonkamer met een kop thee en een meneer. Niet zomaar een woonkamer (en een meneer), maar die van wereldberoemd danser, choreograaf, fotograaf én Commandeur in de Orde van de Nederlandse Leeuw: Hans van Manen. Wat begon als een korte ontmoeting met hem, werd een spontaan interview waarbij we spraken over zijn leven, zijn werk, de Dansfoto van het Jaar, zijn liefde voor dansers en zijn visie op het vak. Hij deed dat vol humor, openheid en was charmant met de hoofdletter C. Lees het hier… 

Hans van Manen. Fotografie Erwin Olaf

Beeld: Erwin Olaf.

Van Manen
Voor de meeste dansers, niet-dansers en alles er tussenin doet de naam Hans van Manen wel meer dan een belletje rinkelen. En terecht, want Van Manen heeft als choreograaf zo’n 120 balletten (!) op zijn naam staan die hij maakte voor gerenommeerde dansgezelschappen in  binnen- en buitenland. Hiertoe behoren onder andere het Nationale Ballet, Nederlands Danstheater, Stuttgarter Ballett en meer. Hij is één van de belangrijkste choreografen ter wereld en voor zijn werk ontving hij vele onderscheidingen en prijzen. Ondanks zijn respectabele leeftijd van 82 jaar, is Van Manen nog altijd zeer alive & kicking en staat hij midden in de danswereld. Ik ging bij hem op bezoek omdat hij door zijn jarenlange werk als fotograaf was gevraagd om de nominaties te selecteren voor de Dansfoto van het Jaar,  een prijs die dit jaar voor het eerst uitgereikt wordt. Omdat ik hier ook bij betrokken ben kreeg ik de (unieke) kans mee te gaan naar deze afspraak. Iets wat ik natuurlijk voor geen spitz wilde missen.

Een choreograaf in de ghetto?
Voordat ik begin met dit verhaal is het goed om te weten dat ik voorafgaand aan mijn ontmoeting met hem een stressmoment had waar je U tegen zegt. Ik bleek namelijk door een communicatiefoutje naar een verkeerde straat in Amsterdam afgereisd te zijn. Toen ik in een nogal ‘volkse’ buurt terecht kwam sloeg de verwarring toe. Want ik kon me toch niet voorstellen dat iemand die zo beroemd is, zou wonen in een flat met overal schotels en wapperende onderbroeken op het balkon. Toch? Gelukkig voor hem bleek dat inderdaad niet het geval, helaas voor mij bleek dat ik aan de andere kant van de stad moest zijn en kwam ik dus te laat. Van Manen ontving mij echter hartelijk en zo viel gelukkig alles van me af. Pfieuw.

Geen franjes
In zijn warme en chique woonkamer nemen wij plaats achter een laptop om de 43 inzendingen voor de Dansfoto van het Jaar door Van Manen te laten beoordelen. Met een sigaret in de hand en met samengeknepen oogjes bekijkt hij de foto’s. Uiteindelijk heeft hij binnen een paar minuten een selectie gemaakt en vraag ik direct hoe hij (zo snel) tot de keuzes is gekomen. “Bij fotografie is de eerste indruk het allerbelangrijkste. Eigenlijk weet je meteen al of een foto ‘werkt’ of niet. Op het moment dat je te lang moet kijken om geraakt te worden mist het zeggingskracht en ben ik niet meer geïnteresseerd. Een goede dansfoto moet (voor mij) voldoen aan een paar dingen: er moet duidelijk iets te zien zijn, danstechnisch gezien moet het kloppen, er moet sprake zijn van een duidelijke performance, een sterk beeld en er moeten geen franjes zijn. Dat laatste heb ik echt een hekel aan. De schoonheid moet zitten in de eenvoud, niet in de tierelantijntjes.” Dat is ook kenmerkend voor zijn werk als choreograaf. Hij wordt mede hierdoor al jaren de ‘Mondriaan van de Dans’ genoemd.

In zijn balletten is er geen ‘verhaal’ te ontdekken, maar is de rode draad altijd duidelijk en zo wil hij dat eenieder zelf zijn/haar fantasie gebruikt bij de interpretatie van het werk. Ook andere choreografen met deze zelfde stijl (niet-verhalende balletten) inspireren hem om bij een dansvoorstelling niet alles voor te kauwen voor het publiek. “George Balanchine (wereldberoemde choreograaf) maakte altijd balletten waar de passie vanaf spatte, en waar het publiek ‘voelde’ waar het om ging, ondanks het feit dat er geen verhaal was. Dát is de kracht van dans voor mij, dat je geen boekwerk voor je hebt liggen als publiek, maar dat je toch snapt waar het over gaat. Geen decoratie of loze opvulling. Ik let hier bij mijn dansers ook altijd op. Er moet geen oppervlakkigheid in bewegingen zitten. Alle aanrakingen moeten écht zijn, met kracht, passie en werkelijk fysiek contact. Als mijn dansers elkaar aankijken dan is dat oprecht en is het meer dan alleen gezichten die toevallig naar elkaar toe gedraaid zijn. Het moet dieper gaan, het moet focus hebben. Simpel. Dan krijgt het pas waarde, zowel voor de dansers als voor het publiek”.

Met z’n allen
Naast het feit dat in zijn stukken eenvoud en muzikaliteit de boventoon voeren, vertelt hij me dat hij de laatste jaren geen werk meer heeft gemaakt voor grote groepen, iets wat hij in het verleden wel deed. “Op het moment dat je als choreograaf werkt met grote groepen dansers, is het bijna onvermijdelijk om grote delen unisono (dat alle dansers hetzelfde doen) te maken, maar dat vind ik minder interessant. Ik wil oog hebben voor het individu en dus werk ik liever met kleinere groepen. Ik merk ook dat als choreografen veel met grote groepen en dus unisono werken, sterke dansers daardoor ‘wegvallen’ in het geheel. Prachtige solisten die ineens opgaan in de massa. Zonde. Marco Goecke (choreograaf Nederlands Dans Theater en Scapino Ballet) heeft wel een talent voor sterke unisono stukken. In musicals kan unisono dansen overigens vaker goed uitpakken dan bij ballet. Als ik in New York ben bezoek ik ze wel eens, dan vind ik het ook geweldig om te zien hoe strak en gelijk de dansers bewegen. Het is natuurlijk een andere danssoort dan waar ik me mee bezig houd, maar ook dat kan ik waarderen. Alle details zijn uitgewerkt.” Ondertussen moet ik erg grijnzen bij dit beeld. Wie had nou gedacht dat meneer Van Manen musicals zou bezoeken?!

Intuïtie
Terwijl hij ontspannen door praat, kijk ik semi-stiekem rond in zijn smaakvol ingerichte woonkamer. Een kruising tussen een museum, galerie en een eh.. woonkamer. Een plek waar iemand woont die overduidelijk houdt van kunst, een fijnproever, maar niet alleen van dans. Vooral de vele abstracte foto’s maken indruk. “Eigenlijk heb ik nergens écht verstand van hoor.” Ik val ondertussen zowat van mijn stoel! “Bij mij gaat het om intuïtie, wat de kunstvorm ook is. Ik heb geen ‘verstand’ van kunst, als iets me raakt, aan het denken zet, er sprake is van vakmanschap, dan klopt het voor mij. Zo heb ik de werken ook gekocht die hier nu hangen. Op intuïtie. Ook als choreograaf ben ik zo. Toen ik met choreograferen begon had ik geen idee hoe ik dat moest aanpakken, hoe het ‘hoorde’. Ik deed het gewoon. Vroeger waren die dingen bovendien heel anders. Tegenwoordig zijn er opleidingen en speciale trajecten om choreograaf te worden, maar toen ik besloot de sprong als maker te wagen bestond dat helemaal niet. Ik heb alles geleerd door te doen, door samen te werken met dansers en mee te kijken met choreografen, door te voelen en te vertrouwen op mijn intuïtie. Ik geloof nog steeds dat dat de beste manier is om te leren en te ontwikkelen. Als danser en als maker heb je dat gewoon nodig, het vak leren in de praktijk en het gevoel dat er geen regels zijn.”

Over kritiek krijgen en veel hooi op de dansante vork nemen
Zijn keuze om zelf te gaan fotograferen, was een heftige, maar wel eentje die denk ik voor een interessante afwisseling in zijn carrière zorgde. “Fotografie is altijd al een grote liefde van mij geweest. Zowel in de rol van toeschouwer als maker. Toen ik jaren geleden besloot zelf als fotograaf aan de slag te gaan, was dat naast al mijn andere werkzaamheden. Ik was toen allang bezig met choreograferen en had het ontzettend druk. Het kwam regelmatig voor dat ik van ‘s ochtends vroeg tot ‘s avonds laat in de dansstudio’s stond te creëren, en erna tot 3 uur ‘s nachts in een doka bezig was foto’s te ontwikkelen. En de volgende dag ging ik dan weer door met het werken in de dansstudio. Uiteindelijk heb ik dit vele jaren zo gedaan.” Als ik hem vraag naar het verschil tussen de rol van fotograaf en choreograaf, is zijn antwoord opvallend. “Het fijne van het werken als fotograaf is dat je veel minder kritiek krijgt van degene waarmee je werkt tijdens het werkproces. Je kunt verschillende dingen uitproberen, je geest de vrije loop laten en pas bij het eindresultaat komt de mening van anderen erbij. Tijdens het proces ben je eigenlijk nog heel erg ‘veilig’, iets wat ik als choreograaf niet altijd zo ervaren heb. Zelfs dansers zijn zich niet altijd bewust van de kwetsbare positie waar choreografen zich in bevinden tijdens het maakproces. Het kan heel heftig zijn om aan het creëren te zijn en met dansers te moeten werken die overduidelijk gedemotiveerd zijn of ongegeneerd kritiek uitten op choreografische beslissingen. Vooral voor beginnende choreografen is dat moeilijk. Het is mij ook wel eens overkomen dat ik al tijdens het maakproces afhaakte door een dergelijke situatie en wat ik had gemaakt niet meer goed vond en ‘weggooide’. Daar heb ik veel van geleerd.”

Houdt hij dan wel van dansers? “Absoluut! Ik ben oprecht dol op de dansers waarmee ik werk. Ik ben het juist gaan waarderen als dansers me tegengas geven. Ze mogen mijn beslissingen bekritiseren maar ze moeten wel altijd met goede argumenten komen. Dan sta ik open voor hun mening. Dat heeft er ook al vaak genoeg voor gezorgd dat ik nieuwe inspiratie of een impuls kreeg om door te gaan met creëren bij een bepaald stuk. Het is een wisselwerking.” Ik kan het niet laten om direct te denken aan Igone de Jongh (eerste soliste van het Nationale Ballet), die een van zijn muzen is en al vele jaren zowel op werk- als privévlak een grote rol speelt in zijn leven. Zou zij hem vaak tegenspreken? “Over het algemeen merk ik dat vooral vrouwelijke dansers graag het laatste woord hebben en zeggen wat ze denken”, zegt hij al lachend. Ik denk dat hij daar wel een punt heeft toch ladies? “Igone is een sterke vrouw, een pittige persoonlijkheid, maar ook heel erg betrouwbaar. Ook als andere dansers met haar samenwerken voelen ze die betrouwbaarheid, en dat geeft rust en vertrouwen in een duet of groepsstuk. Dat is een groot talent.” De sterke band met Igone was ook al duidelijk te zien in de tv-serie Bloed, zweet en blaren, waarbij het Nationale Ballet op de voet gevolgd werd.

In het publiek zitten
Ondanks het feit dat Van Manen de laatste jaren minder choreografieën heeft gemaakt, staat hij nog middenin de danswereld en is hij nog altijd op vele manieren hierbij betrokken. Ook ‘gewoon’ als toeschouwer, vertelt hij mij. “Ik bezoek nog erg veel dansvoorstellingen, zowel in het binnen- als het buitenland. Ik ga naar alle voorstellingen van het Nationale Ballet, Nederlands Dans Theater, regelmatig naar Introdans en ook bezoek ik Conny Janssen Danst vaak. Als een gezelschap een voorstelling van mij gaat dansen ga ik veelal een paar dagen op bezoek, ik probeer het altijd zo te plannen dat ik gedurende deze dagen dansvoorstellingen kan gaan zien. Ook in het buitenland doe ik het zo. Ik wil weten wat er gebeurt in de danswereld.”  Ik ben intussen zwaar onder de indruk van zijn energie en toewijding. Wie zou hij eigenlijk bewonderen? Van Manen zegt daarop dat hij vooral een groot fan is  van choreograaf Martin Schläpfer en dat hij wanneer hij kan naar Duitsland reist om diens werk te zien. In het onderstaande filmpje vertelde hij daar al eens over.

Advies van de meester
Ik spits/spitz mijn oren extra als Van Manen me tot slot vertelt wat hij belangrijk vindt bij dansers waarmee hij werkt, en wat hij denkt dat dansers in het algemeen beter kunnen doen ongeacht of het nou studenten, amateurs of professionals zijn. “Dans moet altijd swingen, wat de dansstijl ook is. Je moet altijd zorgen dat je op tijd te laat komt, dan komt de swing erin en ‘gebeurt’ er echt iets. Dans moet niet voorspelbaar zijn. Laat als dansers zien dat je er écht bent en weet waar je wilt zijn. Op het podium, maar ook al in de dansstudio. Zoals ik al eerder zei; focus bij dans is essentieel. Gebruik je ogen, neem in je op wat je ziet. Wees ook altijd groot als je danst, wat je rol ook is en maak er echt een feest van. Dans is een feest. Raak je danspartner écht aan, kijk naar elkaar en naar de ruimte waar je bent. Als je een arabesque maakt, kijk dan niet decoratief in de lucht, maar weet waar je naartoe wilt gaan en ga daarvoor. Geen frutsels.” Als laatste voegt hij er nog aan toe toe dat de meeste dansers echt beter zouden moeten leren lopen op het podium. “Lopen is ook dans, ik zie het echter nog vaak gebeuren dat dansers de meeste ingewikkelde bewegingen kunnen maken, op het hoogste technische niveau dansen, maar niet overtuigend kunnen lopen. Dat doet afbreuk aan de hele performance. Daar zou iedereen aan moeten werken.” Dit staat in ieder geval groot genoteerd in mijn levenslessen boek.
Met een glimlach zo groot dat mijn kaken er pijn van doen, neem ik afscheid van meneer Van Manen. Een gesprek om niet meer te vergeten.

Wil je meer weten over Hans van Manen? Lees hier uitgebreid over zijn werk, onderscheidingen en leven. Ben je benieuwd naar zijn selectie van genomineerden voor de Dansfoto van het Jaar, wil je meer weten over de Danspublieksprijs en stemmen op jouw favoriet? Ga naar de website van Danspubliek. De winnaars van deze prijzen worden in februari 2015 bekend gemaakt. Breng je stem dus snel uit! Ik hoop dat je hebt genoten van dit interview. Ik in ieder geval wel. Laat je gedachten hierover achter bij de comments of op de Dance Talk Facebook pagina! Ik ben benieuwd :)

Op de hoogte blijven van alles rondom mij en  Dance Talk? Hier kun je me vinden:

X Twitter: @Dancetalk_Blog
X Facebook: Dancetalk
X Instagram: Dancetalk_nl

 

facebooktwittergoogle_pluspinterest

4 reacties

  1. geweldig verhaal! wat kan jij schrijven zeg! Je bent duidelijk een ‘insider’. Erg fijn om te lezen. en gr.

  2. Ikheb een vraag aan Hans van Manen.
    Ik volg hem regelmatgals hij op de T V verschijnt
    Wat graag zou willen weten of hij Fam. Van ons is.
    Hi lijkt als 2 druppels water op mijn vader ( mijn vader is Bertus van Manen geboren te Renswoude ,
    En zijn vaer opa Willem was kamerlid
    Misschien Zitka op het verkeerde adres ,en kunt u mij verder helpen .
    Vriendelijke groet Corry vanManen

Laat een reactie achter