7-eigenaardigheden-van-dansersDansers. Ze ademen, eten en slapen net zoals andere mensachtigen. Toch heb ik gemerkt dat vele dansers (inclusief ikzelf) naast al dat dansen, een aantal eigenaardigheden hebben die ik bij geen andere volksstam zo nadrukkelijk heb aangetroffen. Van zonder gêne omkleden op willekeurige plekken en muziek beluisteren naar mate van ‘dansbaarheid’, tot het standaard oprollen van één broekspijp tijdens het dansen en stressen bij het vergeten van waterflesjes. Welke van de 7 eigenaardigheden van dansers herken jij?

1. Effe lekker knuffelen
Een van de eerste dingen die ik merkte toen ik vele jaren geleden de stap maakte naar het professionele werkveld, is dat iedereen in de dansscène zoveel knuffelt en aan elkaar zit. De hele tijd. Voor, tijdens en na het dansen. Knuffelen is de standaard-manier van begroeting en teken van nabijheid met die persoon, waar onder ‘normale’ mensen het geven van 3 zoenen volstaat. Dansers onder elkaar frutten wat af. Het is eigenlijk ook helemaal niet zo gek, want dansers moeten veelal intiem met elkaar omgaan tijdens het werk en elkaar (lichamelijk) volledig vertrouwen, waardoor er bepaalde fases van vriendelijk fysiek contact volledig overgeslagen worden. Het slaat nergens op om handen te schudden als je even ervoor in een omgekeerde spagaat aan elkaar hebt gehangen. Dus mocht je een groep lenige mensen, in nogal pyjama-achtige outfits, elkaar massaal zien omhelzen en aan elkaar zien plukken, dan zijn het waarschijnlijk naar bed gaande XTC-gebruikers, of ja… dansers. Of beiden.

hjs-dance-talk-reportage132. De vloer is je vriend 
De vloer is voor de meeste mensen maar gewoon een vloer. Daar sta je op, loop of rijd je overheen en that’s it. Dansers worden echter getraind om de vloer te zien als hun vriend. Iemand waar je je comfortabel bij voelt en kunt vertrouwen om overheen te springen, rollen, draaien, glijden, rennen en nuttig kunt inzetten als partner of steun tijdens het dansen. Deze manier van omgaan is ook zichtbaar in hoe professionele dansers buiten het danswereldje om gebruik maken van de vloer. Bij dansers komt weinig het gevoel van ‘Ieeuuww de vloer is vies’ voor en zo tref ik menig danser aan zittend, liggend of zelfs slapend op willekeurige ondergrondjes. Verwar dit overigens niet met een drang om zwerver te willen zijn, want ik heb het idee dat de meeste dansers niet perse willen ‘wonen’ op een vloer. Niet in mijn omgeving in ieder geval :).

3. De opgerolde broekspijp
Als je ooit een danser hebt gezien, er een bent of bent geweest, dan weet je dat de kledingkeuzes bij de meesten nogal… avant garde kunnen zijn. In andere woorden: een interessante mix van kledingstukken die in het normale leven tot menige vraagtekens en jammerende geluiden bij de lokale fashion police leiden (ik schreef daar hier al eens over). Denk bijvoorbeeld aan de combinatie van een bodywarmer, met een balletpanty en danssloffen eronder , of de volledige pyjama met muts op en sneakers of balletschoentjes aan. En ga zo maar door; zolang het lekker zit is het eigenlijk al goed. De combinaties kunnen nog vele malen extremer, maar als er één overeenkomstige stijl te ontdekken is, dan is het wel dat de meeste professionele dansers graag één broekspijp helemaal oprollen tijdens het trainen. Dus één been in standje hotpants. Herkenbaar? Toen ik mijn collega’s hier ooit eens naar vroeg, zeiden de meesten dat het de combinatie is van het hebben van een koel been en een minder koel been bij het dansen. En dat dat lekker voelt als je het warm hebt en je als bonus je spieren en uitdraai van het blote been kunt zien werken. Raar dus, maar wel lekker.

Dance-talk-donts-dansdocent4. Muziek luisteren met dansers-oren
Voor de meeste dansers is muziek de grote inspiratiebron voor het maken van dans en zodoende is muziek zoeken en beluisteren een essentieel onderdeel van werken in het dansvak. ‘Normaal’ luisteren naar muziek is hierdoor wel moeilijk merk ik, en ik weet dat andere dansers dit ook hebben. Ik beoordeel eigenlijk standaard muziek op mate van dansbaarheid, wat overigens niets te maken heeft met of het wel of niet up-tempo is. Ik ga bij elk nieuw nummer meteen de maatsoort analyseren, meetellen, bedenken hoe ik hierop zou kunnen dansen, voor welke danslessen of leeftijden ik het kan gebruiken, meescatten, meeknippen met m’n vingers, etc. Ook tijdens uitgaan. Stom he?! En als ik ‘m echt voel dan kan ik het niet helpen om te beginnen met dansen. Het gebeurt gewoon. Bij de juiste muziek klikt er bij mij iets in mijn hoofd en ‘zie’ ik de dans voor me gebeuren. Dat laatste is echter lastig als je in een omgeving bent waar uitbundig dansen niet perse voor high-fives zorgt. Zeg bij een bushalte, in de supermarkt, in de trein. Dan maar microscopisch, want als het klopt MOET er gedanst worden. En klopt de muziek (voor dans) niet, dan doe ik er verder weinig mee.

5. Bloot zonder te blozen
Bij sommige dansvoorstellingen, repetities of danslessen is er weinig tijd of ruimte om om te kleden. Feit. Zo hebben ballerina’s soms maar 2 minuten om van de ene tutu in de ander te knallen en is er daardoor geen mogelijkheid om gegeneerd naar een kleedkamer te rennen. Waarom zou je ook, dans is een fysiek vak en zoals ik al bij punt 1 benoemde is de vertrouwensband door al het fysieke contact tussen dansers groot. Zeg maar mi casa su casa maar dan op lichaams-vlak. Zo kunnen dansers zonder schaamte (semi)-bloot met elkaar zijn, maar voor niet-dansers of beginners kan dat wel even gek zijn om te aanschouwen. Niet elke danser is zich ervan bewust dat ‘normale’ mensen niet elke dag iemand ineens in een sportbh of ondergoed zien staan. Maar dansers zijn zo comfortabel met hun lichaam en dat van anderen, dat er geen reden is om preuts te zijn. En het vertrouwen dat de dansers hebben in elkaar zorgt er ook voor dat er bij de meesten geen negatieve of seksuele lading bij dit aanwezige bloot komt kijken. Dat zou ik eigenlijk eenieder wel gunnen. Je lichaam is immers niets om je voor te schamen.

DDAO_PietGoethals3

Foto: Piet Goethals

6. Alles is liefde danskleding
Als normaal mens is het best duidelijk om te bepalen wat je sportkleding is en wat je ‘gewone’ kleding is. Bij dansers ligt die situatie vaak anders. Ik merk dat veel dansers gaandeweg hun carrière steeds meer hun gewone kleding laten transformeren in danskleding, om die erna trouwens niet meer vaak de oude rol te laten vervullen. Dat laatste is ook niet gek, want met al dat gezweet en wilde gehups komt niet alles meer kraakhelder of fris uit de (zoveelste) was. Ik denk dat het gebruiken van je kleding als danskleding ook te maken heeft met het feit dat je als fulltime danser simpelweg heel veel kleding verbruikt op een dag en ook wilt kunnen afwisselen als je dag in dag uit naar jezelf in de spiegel kijkt. Dan moet al je kleding wel geschikt voor dans zijn, want daar zul je het uiteindelijk toch wel voor gaan gebruiken. Het scheelt natuurlijk ook tijd, moeite en gedoe. Gelukkig houden steeds meer sportkledingmerken zoals Capezio, H&M en Nike rekening met het feit dat de sportkleding er ook casual goed uit moet zien. Daar houden we van.

7. Waterfles stress
Er zijn weinig beroepsgroepen te ontdekken waarbij de beschikbaarheid van water in waterflesjes essentieel is voor het algehele functioneren (afgezien van het feit dat elke mensachtige water nodig heeft, maar je snapt wat ik bedoel.. hoop ik). Ik schreef er al eens eerder over, in mijn artikel de Waarheid over Waterflesjes, wat een grootverbruikers dansers zijn van gebottelde H2O. Ik herken de oprechte paniek bij mezelf en bij andere dansers dan ook als dit niet binnen handbereik is tijdens een training. Laatst nog, toen bleek dat de docent waar ik les van had haar waterflesje was vergeten en dit zichtbaar niet prettig was voor haar functioneren, realiseerde ik me hoe sterk het hoort bij ons basispakket. Danskleding, check, waterflesje, check, en je kunt gaan dansen. Niet alleen is het lekker om tijdens het trainen gemakkelijk wat te kunnen drinken en zodoende af te koelen, ook in praktische zin is het erg belangrijk. Vochttekort is een van de belangrijkste oorzaken van blessures. En laat dat nou net het ding zijn wat wij dansers met man en (dansante) macht proberen te ontwijken.

Al met als; als je dus ergens een legioen aan waterflesjes ziet staan, een boel lenige mensen rond ziet hupsen in pyjama’s met één opgerolde broekspijp, half omkledend, en met dansbare muziek aan, dan weet je het nu wel…. that’s us.

Ik hoop dat je hebt genoten van mijn artikel. In welke eigenaardigheden herken jij je of heb jij zelf nog aanvullingen? Laat het weten bij de comments hieronder of op de Dance Talk Facebook pagina. 

Op de hoogte blijven van alles rondom mij en Dance Talk? Hier kun je me vinden:

X Facebook: Dancetalk
X Twitter: @Dancetalk_Blog
X Instagram: Dancetalk_nl

 

 

facebooktwittergoogle_pluspinterest

2 reacties

  1. Sarina van Overbeek

    In dansen kan je je gevoelens kwijt ook als je met je danspartner geen relatie hebt(beide zitten in een andere relatie) is het dan mogelijk dat je toch een soort gevoelens voor elkaar krijgt zonder dat dat buiten het dansen is

  2. Op rare manieren stretchen buiten de danszaal roept ook reacties op bij de omgeving. Je doet het niet om aandacht te trekken (althans, ik niet) maar mensen, vooral niet-dansers, kijken toch…
    -Tandenpoetsen met 1 been op het wastafel-aanrecht
    -Dingen van de grond pakken met gestrekte knieën
    -Nooit normaal op een stoel of bank kunnen zitten

Laat een reactie achter bij Sarina van Overbeek Reactie annuleren